| | Lied 403 | | Vers 1: | Waarom staan die stenen daar zomaar in het land, twaalf stenen bij elkaar aan de waterkant? Is het soms een spelletje? Nee, 't is een verhaal. Luister, ik vertel het je allemaal.
| | Vers 2: | Twaalf stenen in een kring, hier bleef het water staan en het volk van Israel ging droog door de Jordaan. Nee, het is geen spelletje, het is een verhaal. Luister, ik vertel het je allemaal.
| | Vers 3: | Twaalf stammen op een rij in een lange stoet, liepen aan de ark voorbij Kanaan tegemoet. Is het soms een spelletje? Nee, 't is een verhaal. Luister, ik vertel het je allemaal.
| | Vers 4: | Veertig jaren in de woestijn, dromen van dit land, en dan eindlijk thuis te zijn, dansend hand in hand. Nee, het is geen spelletje, het is een verhaal. Luister, ik vertel het je allemaal.
| | Vers 5: | Twaalf stenen, meer is 't niet, hier bij de Jordaan, daarom, als een kind het ziet, blijf dan stille staan! Is het soms een spelletje? Nee, 't is een verhaal. Luister, ik vertel het je allemaal.
| | |

| Lied 404 | | Vers 1: | De bomen zijn op weg gegaan, zij spraken de olijfboom aan: word jij de koning van het woud die van de bomen houdt? Ik zorg voor olie in de kruik, mijn vet wordt dagelijks gebruikt, ik word geen koning met veel macht die leeft van praal en pracht.
| | Vers 2: | De bomen vroegen aan de vijg: jij stond al in het paradijs, word jij de koning van het woud die van de bomen houdt? Ik breng de mensen zoveel zoet, geeerd word ik voor al dit goed, ik word geen koning met veel macht die leeft met praal en pracht.
| | Vers 3: | De bomen zeiden toen: welaan, wij zullen naar de wijnstok gaan: word jij de koning van het woud die van de bomen houdt? Ik moet toch zorgen voor de wijn, hoe kan er anders bruiloft zijn? Ik word geen koning met veel macht die leeft met praal en pracht.
| | Vers 4: | De bomen gingen weer op reis: al is de doornstruik eigenwijs, word jij de koning van het woud die van de bomen houdt? Ik word wel koning recht of slecht, en wie niet luistert, brand ik weg! Ik ben een koning met veel macht die leeft met praal en pracht.
| | Vers 5: | De bomen hadden zich vergist! Een doornstruik steekt, een doornstruik is geen goede koning van het woud laagbijdegronds en koud. De bomen kozen, maar verkeerd want wie alleen met macht regeert die gaat ten onder aan het kwaad, ten onder vroeg of laat.
| | |

|
|