| | Lied 407 | | Vers 1: | David, David, speel nog eens voor mij, dan gaat al mijn angst voorbij. Overstem mijn boze dromen, dat ze niet meer kunnen komen. speel op de fluit 't liedje van verlangen. Tokkel op je harp, speel op je fluit 't liedje van verlangen, zing het uit.
| | Vers 2: | David, David, kom in mijn paleis, zing mijn wanhoop van de wijs. Want mijn dagen, David, luister, zijn zo droevig en zo duister. Tokkel op je harp, speel op je fluit 't liedje van verlangen, zing het uit.
| | Vers 3: | David, David, vlucht niet weg voor mij, neem je harp en zing mij blij. Laat je lied van vrede horen van de allerhoogste toren. Tokkel op je harp, speel op je fluit 't liedje van verlangen, zing het uit.
| | |

| Lied 408 | | Vers 1: | De koningin van Scheba ging heel koninklijk aan boord, zo reisde zij naar Salomo waarvan zij had gehoord.
| | Vers 2: | In Scheba was haar al verteld: die koning is zo wij, al wat je vraagt, hij lost het op daarom ging zij op reis.
| | Vers 3: | Zo was zij in Jeruzalem bij Salomo te gast, en wat zij hoorde en daar zag maakte haar blij verrast.
| | Vers 4: | O koning Salomo, u weet nog veel meer dan ik dacht, de helft is mij niet aangezegd van al uw praal en pracht.
| | Vers 5: | De koningin van Scheba gaf veel goud aan Salomo, en salomo gaf op zijn beurt veel moois aan haar kado.
| | Vers 6: | Het was een wonderlijk bezoek, van vragen word je wijs, de koningin van Scheba ging veel wijzer weer op reis.
| | Vers 7: | Het hooglied van de koning klonk tot ver over de zee, de koningin nam dit geheim voorgoed naar Scheba mee!
| | |

|
|