| |
Lied 408 |
| Vers 1: | De koningin van Scheba ging heel koninklijk aan boord, zo reisde zij naar Salomo waarvan zij had gehoord.
|
| Vers 2: | In Scheba was haar al verteld: die koning is zo wij, al wat je vraagt, hij lost het op daarom ging zij op reis.
|
| Vers 3: | Zo was zij in Jeruzalem bij Salomo te gast, en wat zij hoorde en daar zag maakte haar blij verrast.
|
| Vers 4: | O koning Salomo, u weet nog veel meer dan ik dacht, de helft is mij niet aangezegd van al uw praal en pracht.
|
| Vers 5: | De koningin van Scheba gaf veel goud aan Salomo, en salomo gaf op zijn beurt veel moois aan haar kado.
|
| Vers 6: | Het was een wonderlijk bezoek, van vragen word je wijs, de koningin van Scheba ging veel wijzer weer op reis.
|
| Vers 7: | Het hooglied van de koning klonk tot ver over de zee, de koningin nam dit geheim voorgoed naar Scheba mee!
|
| |

|
Lied 409 |
| Vers 1: | De koning richt een feestmaal aan voor al zijn rijksgenoten, maar Vasthi weigert om te gaan: daarom wordt zij verstoten. Dan neemt de koning een besluit: Ik kies een nieuwe bruid! Esther wordt koningin! Esther wordt koningin!
|
| Vers 2: | De mooiste meisjes van het rijk verschijnen ten paleize, de koning keurt, de koning kijkt, wie zal hij aan gaan wijzen? Hij vindt het meisje naar zijn zin: Esther wordt koningin! Esther wordt koningin!
|
| Vers 3: | De oom van Esther in de poort, hij weigert om te knielen, daarom zint Haman om een moord hij zal dat volk vernielen! Dat joodse volk, dat zich verzet en leef naar eigen wet, en leef naar eigen wet.
|
| Vers 4: | Ook Esther hoorde van haar volk en Mordechai liet vragen wees onze koningin en tolk, wij vasten hier drie dagen. Verzwijg toch niet als koningin: Ook ik ben een jodin, ook ik ben een jodin.
|
| Vers 5: | Als Esther naar de koning gaat wil hij haar alles geven, zij komt niet om, de koning laat het joodse volk weer leven! Het poer, dat keert zich van hen af en Haman krijgt zijn straf, en Haman krijgt zijn straf.
|
| |

|