Alles wordt nieuw
 
Lied 420
Vers 1:Daar zit een man, hij kan niet zien,
hij zit maar aan de kant.
Hij roept tot men uit medelij
wat geld geeft in zijn hand.

Vers 2:Hij hoort wel stemmen om zich heen
maar hij ziet geen gezicht.
Hij heeft nog nooit de zon gezien,
nog nooit een streepje licht.

Vers 3:Er komt een man die stil blijft staan,
hij heeft geen geld, geen goud,
maar strijkt zijn ogen in met slijk
en dat wordt zijn behoud!

Vers 4:Ik zie het licht, ik zie het licht,
mijn leven is gered!
En wil je weten wie dat deed?
De man van Nazareth!


 
naar boven

Lied 421
Vers 1:Er was er eens een jongeman,
heel rijk en heel voornaam.
En op een dag is hij gewoon
naar Jezus toegegaan.

Vers 2:Ach goede meester, zeg mij toch
hoe ik leven moet?
Ik heb al wat mijn hart begeert
maar leef ik zo wel goed?

Vers 3:Waarom noem je mij goed, je weet
alleen maar God is goed.
Houd zijn geboden alle tien,
dan leef je zoals het moet.

Vers 4:Dat doe ik, wat ontbreekt mij nog?
Je bent gewoon te rijk!
geef alles weg, ga met mij mee
op weg naar het koninkrijk.

Vers 5:Ik kan het niet, ik kan het niet,
u vraagt teveel van mij.
Hij keert zich om en gaat naar huis,
wel rijk maar toch niet blij.

Vers 6:Is er geen hoop geen uitzicht meer
dat hij behouden wordt?
Misschien is ons geloof te klein.
maar alles kan bij God!


 
naar boven



Pagina terugPagina terug Het opgevraagde tekstgedeelte beslaat meerdere hoofdstukken.
Pagina van 615
Geschrift toevoegen ter vergelijking:
Pagina verderPagina verder