| | Lied 425 | | Vers 1: | Kijk naar de mussen, ze worden niet groot, ze eten de kruimels van 't dagelijks brood. Kijk naar de mussen, ze leven maar kort, maar niet een wordt vergeten, vergeten door God.
| | Vers 2: | Kijk naar de mussen, ze zingen zo blij, ze fluiten hun liedje voor jou en voor mij. Kijk naar de mussen, maar zonder de Heer valt niet een op de aarde, de aarde neer.
| | Vers 3: | Kijk naar de mussen bij jou in de straat, maar ben je niet meer dan een musje waard? Kijk naar de mussen, ze vliegen niet hoog, maar de Heer houdt ze allen, allen in 't oog.
| | |

| Lied 426 | | Vers 1: | Liefde is blij zijn, een arm om je heen. Liefde is lachen, is nooit meer alleen. Liefde is luistren, de woorden gaan door liefde is fluistren, heel zacht in je oor.
| | Vers 2: | Liefde is lopen, mijn hand in jouw hand. Liefde is hopen, is gaan langs het strand. Liefde is amen, is wolken, is wind. Liefde is samen, is spelen als kind.
| | Vers 3: | Liefde is zingen is wit en is groen. Liefde is zacht is een kus in 't plantsoen. Liefde is leven, je ademt weer op. Liefde is geven, is leven met God.
| | |

|
|