Groot Nieuws Bijbel

Spreuken 20
20  Drank maakt iemand overmoedig en luidruchtig; wie zich bedrinkt, verliest zijn verstand.  De dreigementen van een koning zijn als het brullen van een leeuw: wie zijn woede opwekt, brengt zijn eigen leven in gevaar.  Het strekt een mens tot eer ruzies te vermijden; een dwaas barst meteen los.  In de herfst wil een luiaard niet ploegen; in de zomer vraagt hij zich wel af waarom hij geen oogst heeft.  Goede raad ligt op de bodem van een mensenhart, als water in een diepe put, wie inzicht heeft, weet eruit te putten.  Veel mensen geven hoog op van hun eigen goedheid, maar werkelijke trouw – waar vind je die?  Wie rechtvaardig is, leeft ook oprecht; zijn kinderen kunnen zich gelukkig prijzen.  Als een goed koning gaat rechtspreken, ziet hij met één oogopslag waar het kwaad schuilt.  Er is geen mens die kan zeggen: ‘Ik heb een zuiver geweten! Ik hoef nergens spijt van te hebben!’  Met twee maten meten, met twee gewichten wegen, daar heeft de Heer een afschuw van.  Ook een kind kent men aan zijn daden, aan wat hij doet zie je of hij eerlijk is en oprecht.  Dat wij kunnen horen, dat wij kunnen zien, het is het werk van de Heer.  Slaap niet al te veel, anders word je arm; sta vroeg op, dan heb je genoeg te eten.  ‘Niets waard! Niets waard!’ zegt de koper, maar als hij weggaat, wrijft hij zich in de handen.  Goud en edelstenen zijn er genoeg, maar een verstandig woord is zeldzaam.  Neem de mantel af van iemand die zich borg heeft gesteld voor een ander, neem hem als pand voor mensen die je niet kent.  Gestolen brood smaakt eerst zeer goed, maar later is het als zand tussen je tanden.  Alleen door overleg worden plannen verwezenlijkt; wil je oorlog voeren, dan moet je lang overleggen.  Wie altijd iets over anderen te vertellen weet, verraadt ook geheimen; met iemand die zo loslippig is, moet je je niet inlaten.  Als je je vader en moeder verwenst, wordt je levenslicht gedoofd, als een lamp in de donkere nacht.  Rijkdom die al te snel verworven is, maakt een mens niet gelukkig.  Zeg nooit bij jezelf: ‘Ik zal het hem betaald zetten!’ Vertrouw op de Heer, hij komt voor je op.  De Heer heeft een afschuw van oneerlijke gewichten, een valse weegschaal keurt hij af.  Het leven van een mens is in de hand van de Heer; hoe kan een mens dan weten waar zijn weg heenvoert?  Wie ondoordacht God iets belooft, zet zichzelf een val, want te laat vraagt hij zich af of hij de belofte kan nakomen.  Een wijze koning ontmaskert misdadigers; hij zal ze genadeloos straffen.  De Heer heeft de mens het geweten als een licht gegeven: het schijnt in de donkerste hoeken van zijn hart.  Goedheid en trouw beschermen de koning; op zijn goedheid berust zijn macht.  De trots van jongemannen is hun kracht, de roem van grijsaards is hun hoge leeftijd.  Bloedige striemen genezen ons van het kwaad, slagen zuiveren de donkerste hoeken van ons hart. 
21  Zoals de mens het water in kanalen leidt, het laat stromen waar hij wil, zo leidt de Heer de gedachten van de koning.  In eigen ogen heeft een mens altijd juist gehandeld, maar de Heer kijkt tot op de bodem van zijn hart.  Eerlijk en rechtvaardig zijn, dat is de Heer aangenamer dan een offer.  Hooghartig en verwaand, zo gedraagt zich een slecht mens.  IJver brengt welvaart, maar haast leidt tot gebrek.  Wie door bedrog rijk wordt, jaagt op wind; zo’n leven is je dood.  Het geweld van slechte mensen zal hun dood betekenen; want ze hebben het recht vertrapt.  Een bedrieger volgt slinkse wegen, maar een eerlijk mens is rechtuit.  Beter een rustig plekje op een dak, dan een heel huis met een vrouw die ruzie zoekt.  Het enige dat een slecht mens wil, is kwaaddoen; zelfs zijn buurman ontziet hij niet.  Als je een gewetenloos man afstraft, open je hem misschien de ogen; als je een wijs mens terechtwijst, leert hij ervan.  Een rechtvaardig heerser houdt een misdadiger in het oog en zorgt ervoor dat het slecht met hem afloopt.  Wie zich doof houdt voor het geroep van arme mensen, zal ook geen antwoord krijgen als hij zelf om hulp roept.  Een stille gift, wat geld in de hand, doet boosheid en woede bedaren.  Als het recht zijn loop heeft, is dat een vreugde voor een rechtvaardig mens, maar voor wie kwaad wil, is het een verschrikking.  Wie zonder inzicht door het leven wil gaan, zal tenslotte alleen doden om zich heen vinden.  Wie van feesten zijn leven maakt, zal gebrek lijden; wie alleen aan eten en drinken denkt, zal nooit iets bezitten.  Het leven van de misdadiger wordt genomen als losprijs voor de rechtvaardige; de onbetrouwbare zal als losprijs dienen voor een oprecht mens.  Je kunt beter alleen in de woestijn wonen, dan met een vrouw leven die ruzie zoekt en humeurig is  Een voorraad kostbare olie vind je alleen in het huis van een wijze; een dwaas mens zal altijd alles opmaken.  Wie rechtvaardigheid en liefde nastreeft, zal het leven zelf vinden, en rechtvaardigheid en eer.  Een wijs man kan een stad vol soldaten aan, hij is sterker dan de burcht waarop zij vertrouwden.  Wie spaarzaam met zijn woorden is, bespaart zichzelf veel moeilijkheden.  Iemand die verwaand en overmoedig is, spot met alles; hij handelt met grote zelfoverschatting.  De verlangens van de luiaard worden zijn dood; hij weigert zijn handen te gebruiken.  Velen willen altijd meer hebben, het is nooit genoeg; maar een rechtvaardige kan geven en houdt nooit iets achter.  Offers van mensen die hem niet eerbiedigen, daar heeft God een afkeer van; vooral als ze die offers brengen met een vooropgezette bedoeling.  Een vals getuige moet men het woord ontnemen; alleen wie eerlijk vertelt wat hij weet, mag uitspreken.  Een slecht mens neemt een houding aan om indruk te maken; een eerlijk mens doet gewoon wat hij doen moet.  Menselijke wijsheid, inzicht en goede raad, ze vallen in het niet als een mens zich tot de Heer wendt.  Je kunt wel paarden optuigen voor de oorlog, maar de overwinning hangt af van de Heer. 



Pagina terugPagina terug Het opgevraagde tekstgedeelte beslaat meerdere hoofdstukken.
Pagina van 31
Geschrift toevoegen ter vergelijking:
Pagina verderPagina verder