Groot Nieuws Bijbel

Spreuken 9
9  De Wijsheid heeft haar huis gebouwd, een huis met zeven zuilen.  De dieren zijn geslacht, de wijn staat klaar, de tafel is gedekt.  Zij heeft haar dienaressen naar de stad gestuurd, om van de hoge muren te laten roepen:  ‘Wie nog veel moet leren, wie nog onervaren is, kom toch hierheen!  Kom, eet mijn brood en drink de wijn die ik gemengd heb.  Mijd het gezelschap van domme mensen, kies de weg van het inzicht, dan zul je leven!’  Wie een spotter terechtwijst, haalt zich alleen maar spot op de hals, wie iemand zonder God of gebod berispt, wordt alleen maar uitgelachen.  Wijs een spotter niet terecht, want hij gaat je haten; berisp een wijs man, die zal van je houden.  Een wijze wordt wijzer van wat je zegt, een rechtvaardige leert van wat je hem onderwijst.  Om wijs te worden, moet je ontzag hebben voor de Heer, om inzicht te verkrijgen, moet je de heilige God kennen.  Ik, de Wijsheid, voeg jaren aan je leven toe, ik zal het verlengen.  Als je wijs bent, dien je je eigen geluk, als je een dwaas bent, zul je er ook zelf onder lijden.  Vrouwe Dwaasheid is brutaal, een en al onverstand, zij weet niets.  Ze zit bij de deur van haar huis, daar op de muur van de stad.  En tegen iedereen die langskomt, tegen iedere voorbijganger, roept ze:  ‘Wie nog veel moet leren, wie nog onervaren is, kom toch hierheen!  Gestolen water smaakt goed, gestolen brood nog beter.’  Maar wie naar haar luisteren, weten niet dat zij uitgenodigd worden bij de schimmen, dat zij het duistere dodenrijk al naderen. 
10  De spreuken van Salomo. Een wijze zoon is voor zijn ouders een vreugde, een dwaze zoon bezorgt ze verdriet.  Slechtheid levert voze vruchten op, maar oprechtheid houdt je in leven.  De Heer laat een rechtvaardige niet verhongeren, maar wie hebzuchtig is, geeft hij niets.  Luiheid maakt arm, ijver maakt rijk.  Wie het koren binnenhaalt in de zomer, is verstandig, wie in de oogsttijd slaapt, verdient verachting.  Wie oprecht is, roept zegen over zich af, wie slecht is, roept onheil over zich af.  Aan goede mensen denkt men dankbaar terug, slechte mensen wil men zo snel mogelijk vergeten.  Een wijs man is bereid te luisteren, een dwaas praat maar en gaat ten onder.  Wie oprecht leeft, is veilig, wie slinkse wegen gaat, wordt doorzien.  Wie leugens verspreidt, bezorgt anderen verdriet, maar wie zulke dwaasheid verkondigt, gaat ook zelf ten onder.  Woorden van een rechtvaardige zijn een bron van leven, de woorden van een slecht mens veroorzaken ellende.  Haat veroorzaakt ruzie, liefde dekt alle tekortkomingen toe.  Een verstandige spreekt wijze woorden, een dwaas verdient stokslagen.  Een wijs mens loopt niet met zijn kennis te koop, een dwaas houdt nooit zijn mond en sticht snel kwaad.  Wie rijk is, heeft macht, wie arm is, staat zwak.  Van een goede daad word je beter, van een slechte daad slechter.  Wie raad aanneemt, is op de goede weg, wie waarschuwingen in de wind slaat, zit op een dwaalspoor.  Wie iemand heimelijk haat, is een huichelaar, wie iemand openlijk belastert, heeft geen verstand.  Een veelprater gaat gemakkelijk te ver, wie spaarzaam is met woorden, is verstandig.  Als zuiver zilver zijn de uitspraken van een rechtvaardige, maar de gedachten van een slecht mens zijn weinig waard.  De woorden van een rechtvaardige zijn voor velen als voedsel, dwazen sterven door gebrek aan verstand.  Alleen de zegen van de Heer maakt rijk, zwoegen voegt er niets aan toe.  Een dwaas schept genoegen in zijn dom gedrag, een verstandig mens geniet van zijn wijsheid.  Wat een slecht mens vreest, zal hem overkomen, wat een rechtvaardige verlangt, zal in vervulling gaan.  Als de storm voorbij is, zijn de slechte mensen verdwenen, maar de rechtvaardigen houden altijd stand.  Als azijn voor de tanden, als rook voor de ogen, zo is een luiaard voor zijn meester.  Wie ontzag heeft voor de Heer, zal lang leven, maar wie dat niet heeft, sterft vroegtijdig.  Wat rechtvaardigen te verwachten hebben, is vreugde, maar slechte mensen hebben niets te verwachten.  Voor wie zich richt naar de Heer, betekent hij bescherming, voor wie onrecht doen, is hij een bedreiging.  De rechtvaardige zal nooit worden weggevaagd, maar slechte mensen zullen niet op aarde blijven.  Een goed mens spreekt woorden van wijsheid; de tong van een leugenaar zal worden afgesneden.  Een oprecht mens weet het juiste woord te kiezen, uit de mond van een slecht mens komt alleen maar valsheid. 



Pagina terugPagina terug Het opgevraagde tekstgedeelte beslaat meerdere hoofdstukken.
Pagina van 31
Geschrift toevoegen ter vergelijking:
Pagina verderPagina verder